• 5min

Iedereen die jaar in jaar uit dagelijks mediteert, iedereen die regelmatig langdurige retraites doet, weet dat een leraar onmisbaar is.

Intensieve meditatie openbaart de diepste krochten van je bewustzijn. Soms langzaam maar zeker, soms doordat er plots een luikje open gaat en het je simpelweg overvalt. Er komt van alles in het bewustzijn bovendrijven en vaak worden die dingen ook nog eens door het bewustzijn onder de loep genomen en uitvergroot.

Van het idee dat je het allemaal nooit zult leren tot misplaatste arrogantie ten aanzien van de eigen concentratie en inzichten als het dan eindelijk eens wat stiller wordt. De meest bizarre mentale fantasieën, diepe dalen, hoge toppen, wroegingen, wensen en verlangens, noem het maar op. Het kan allemaal boven komen.

Aan de andere kant weet je als je langdurig mediteert ook dat er veel meer verdieping en verstilling mogelijk is dan je aanvankelijk dacht, en dat zal waarschijnlijk nog heel lang zo blijven. Je hebt simpelweg niet het referentiekader om in te kunnen schatten waar het einde van de weg ligt.

Contact met een leraar is daarom van essentieel belang. Een leraar die verder op de weg is, het mentale ontwikkelingsproces zelf heeft doorgemaakt en de hindernissen op het pad uit eigen ervaring kent.

Een goede leraar begeleidt je op het meest intieme en persoonlijke pad, namelijk je eigen weg van ontwikkeling en bevrijding. Een dergelijke leraar kan je wijzen op je persoonlijke valkuilen, je proberen er omheen te leiden en mocht je er toch head-first in tuimelen (en dat doen we vroeg of laat allemaal) dan kan de leraar je op basis van eigen ervaring helpen er weer uit te komen om daarna, een ervaring rijker, het pad te vervolgen. Dit soort begeleiding kun je niet uit boeken of YouTube-filmpjes halen, hoe inspirerend die ook kunnen zijn.

Als je mediteert is het laatste waar je je zorgen om zou moeten maken de morele integriteit van je leraar, en in het verlengde daarvan je eigen veiligheid. Je moet er te allen tijde 100% op kunnen vertrouwen dat je leraar zich naar jou moreel onberispelijk gedraagt. Je moet je 100% veilig voelen.

Toch zijn er diverse gevallen van misbruik door hoge boeddhistische leraren bekend. Eerder schreven wij al een tekst over onze visie op seksueel misbruik door boeddhistische leraren. Samengevat: dat mag onder geen enkele voorwaarde plaatsvinden en kan met geen enkel argument worden goedgepraat. Leraren die zich hieraan of aan ander wangedrag schuldig maken doen hun leraarschap teniet en brengen het boeddhisme in zeer ernstige mate in diskrediet.

Dit soort gedrag door een leraar druist volledig in tegen de kern van het boeddhisme, in welke stroming dan ook. De Boeddha onderwees nadrukkelijk dat verlangen de oorzaak is van al ons leed en zijn pad is gericht op het vernietigen hiervan.

Het is in dat licht belangrijk om stil te staan bij de relatie tussen leraar en leerling. Ook de DAR (Dhamma Advies Raad) van de BUN (Boeddhistische Unie Nederland) heeft hier een uitgebreide tekst aan gewijd. Wij kunnen ons in grote lijnen vinden in deze tekst, maar de DAR schrijft onder andere:

Alle instructeurs en leraren moeten het verschil tussen hun eigen rol en die van de leerling nauwkeurig in de gaten houden. Hun rol is te vergelijken met die van professionals zoals artsen in die zin dat er ongelijkwaardigheid in de relatie met de leerling bestaat. Dat betekent dat grenzen in de relatie (o.a. seksuele) scherp bewaakt dienen te worden. Alle vormen van grensoverschrijdend gedrag, seksueel of ander misbruik vormen een inbreuk op de integriteit van de relatie en zijn niet acceptabel.

Hoewel de vergelijking met bijvoorbeeld een arts-patiënt relatie een klein beetje raakt aan de ongelijkwaardigheid in de verhouding en we blij zijn dat seksueel of ander misbruik in de tekst wordt veroordeeld, doet dit stukje tekort aan de diepgang van de leraar-leerling relatie en zo aan de grote gevolgen van misbruik in die specifieke setting.

Misschien dat de vergelijking opgaat voor de tal van zelfbenoemde leraren of cursisten die na betaling en een vast traject tot leraar worden benoemd, maar als je ooit eens contact hebt gehad met een meditatieleraar die onderwijst vanuit zelf verworven diepe concentratie en wijsheid dan weet je hoe intiem het delen van je eigen bewustzijn kan voelen, hoe krachtig en diep een dergelijke mentale verbinding is. Dat gaat veel verder dan het contact met een welwillende professional. En door die grote diepgang ben je heel erg kwetsbaar.

Juist daarom is elke vorm van misbruik door boeddhistische leraren volledig onacceptabel en van een hele andere ordergrootte dan wanneer een professional een gedragscode overtreedt.

Misbruik of ander wangedrag door een meditatieleraar kan de leerling tot in de kern beschadigen. Niet alleen op de korte termijn maar ook op de hele lange termijn kunnen de gevolgen voor de leerling desastreus zijn.

Daarom valt wangedrag een boeddhistische meditatieleraar zo zwaar aan te rekenen.

Daarom moet zulk gedrag altijd zware consequenties hebben voor de misbruik plegende leraar.

Daarom is het van het allergrootste belang om uiterste inspanning te leveren dat dit niet kan gebeuren.

Natuurlijk is diepe concentratie uiteindelijk de grote voorwaarde voor een zuiver en schoon bewustzijn, en vernietigt het diepe inzicht in de onbevredigdheid van verlangen elke neiging tot wangedrag. Maar je kunt als leerling niet naar boven kijken, dat wil zeggen je kunt het bewustzijn van je leraar die verder is op het pad niet beoordelen.

Daarom moet een leraar zich naar buiten toe aan duidelijke morele regels houden.

Ahba, onze leraar, volgt hierin de Theravāda Vinaya tot in de puntjes. Voor monniken stelt de Vinaya dat de grootste inspanning geleverd moet worden om ook maar het ontstaan van geruchten te voorkomen. Dat betekent bijvoorbeeld dat Ahba mensen achter een glazen deur ontvangt zodat iedereen kan zien wat zich binnen afspeelt. Een ander voorbeeld is dat vrouwen nooit alleen bij Ahba mogen zijn, laat staan fysiek contact hebben, en zelfs bij mannen is er meestal een andere monnik aanwezig. Zo zijn er tal van praktische voorbeelden te noemen, los van de nadruk die Ahba zelf op het opgeven van verlangen legt.

Wij zijn van mening dat hier in Nederland op zijn minst vanuit de BUN als overkoepelende vereniging duidelijk stelling moet worden genomen tegen alle vormen van gedrag die de veiligheid van de leerling in gevaar brengt.

Dit betekent op zijn minst dat duidelijk moet worden gemaakt dat seksueel contact tussen leraar en leerling geen plaats heeft binnen het boeddhisme. Dat nadrukkelijk afstand moet worden genomen van misbruikplegers. Dat openbaar voor deze mensen moet worden gewaarschuwd.

Nooit mag het beeld worden geschept dat misbruik acceptabel is, goedgepraat wordt, of dat leraren die zich hieraan schuldig hebben gemaakt nog als voorbeeld dienen.

Door zo stelling te nemen wordt een heilzame bijdrage geleverd aan de twee beschermers van de wereld, het innerlijke morele kompas (hiri) en morele angst voor repercussies (ottappa), en zo aan bewustwording van wat wel het pad is en wat niet.